Waarom besluiten mét de natuur? Wilfried Nielen, Lid Gedeputeerde Staten BBB, pleit voor een hoge lat bij ingrepen in kwetsbare natuurgebieden.
Gast blog

Waarom besluiten mét de natuur? Wilfried Nielen, Lid Gedeputeerde Staten BBB, pleit voor een hoge lat bij ingrepen in kwetsbare natuurgebieden.

Wilfried Nielen

Wilfried Nielen

28 mei 2026
In onze serie ‘Waarom besluiten mét de natuur?’ spreken we mensen die vanuit verschillende achtergronden laten zien wat er verandert als je de leefomgeving meeneemt in je keuzes. Deze keer met BBB Gedeputeerde Wilfried Nielen.

Wie in Zeeland werkt aan natuur, water en ruimte, merkt al snel dat niets hier los van elkaar staat.

De Oosterschelde is daar misschien wel het beste voorbeeld van. Een gebied waar natuur, economie, visserij, recreatie en waterveiligheid voortdurend samenkomen. Geen stilstaand landschap, maar een levend systeem dat continu verandert. En juist daar zie je hoe belangrijk het is om natuur niet pas achteraf mee te wegen, maar vanaf het begin onderdeel te maken van besluiten.

Dat klinkt logisch, maar in de praktijk gebeurt het nog te vaak andersom. Eerst wordt gekeken wat we willen bouwen, ontwikkelen of aanpassen. Pas daarna komt de vraag: wat betekent dit eigenlijk voor de natuur? Tegen die tijd zitten standpunten vaak al vast, zijn verwachtingen gewekt en lopen discussies snel vast in procedures, wantrouwen en polarisatie.

Ik denk dat we daar als overheid eerlijk over moeten zijn.

Onlangs kreeg ik het boekje Rechten voor de natuur aangereikt met de vraag of ik het wilde lezen en erop reflecteren. Dat heb ik gedaan. Niet omdat het op alle punten aansluit bij mijn eigen visie, maar wel omdat het een belangrijke vraag stelt: wat verandert er als natuur niet langer het sluitstuk van beleid is?Die vraag raakt direct aan hoe wij in Zeeland dagelijks besluiten moeten nemen.

Neem de discussies rond onze deltawateren. Over de Oosterschelde wordt veel gesproken. Terecht ook. Het is een uniek natuurgebied én tegelijk een gebied waar veel belangen samenkomen. Juist daar zie je hoe ingewikkeld besluitvorming wordt wanneer natuur pas laat in het proces serieus wordt meegenomen.

De discussie rond het gebruik van staalslakken is daar een voorbeeld van. Er liggen onderzoeken, rapporten en analyses. Maar uiteindelijk blijft één vraag centraal staan: weten we zeker dat kwetsbare natuur geen schade ondervindt En als die zekerheid er niet volledig is, wat doe je dan? Voor mij begint daar goed bestuur.

Bij ingrepen in kwetsbare natuurgebieden moet de lat hoog liggen. Zeker in Natura 2000-gebieden hoort vooraf duidelijk te zijn wat de effecten zijn. Niet achteraf constateren dat iets misschien toch anders uitpakt dan gehoopt, maar vooraf zorgvuldig afwegen wat verantwoord is.

Dat betekent niet dat alles onmogelijk wordt. Of dat economie en natuur tegenover elkaar staan. Integendeel.

Juist wanneer natuur vanaf het begin wordt meegenomen, ontstaan vaak betere besluiten. Besluiten die juridisch sterker zijn, maatschappelijk beter uitlegbaar en op langere termijn houdbaarder.

Tegelijkertijd moeten we oppassen voor een andere valkuil: stilstand. In Nederland zien we steeds vaker dat besluitvorming vastloopt. Procedures stapelen zich op, vergunningen blijven hangen en ingewikkelde regelgeving zorgt ervoor dat uiteindelijk niemand meer goed weet waar hij aan toe is. Dat helpt de natuur niet vooruit, maar de samenleving ook niet. De uitdaging zit dus niet in kiezen tussen natuur óf ontwikkeling. De echte uitdaging is zorgen dat beide overeind blijven.

Dat vraagt om duidelijkheid van de overheid. Heldere regels. Duidelijke verantwoordelijkheden. Maar ook de bereidheid om moeilijke keuzes niet vooruit te schuiven.

Wat mij aanspreekt in het gesprek over Rechten van de Natuur, is dat het ons dwingt om anders te kijken naar onze leefomgeving. Niet alleen als iets wat beschermd moet worden wanneer het mis dreigt te gaan, maar als een volwaardig onderdeel van hoe we besluiten nemen.

En misschien is dat uiteindelijk wel de belangrijkste verandering. Niet denken vanuit herstel achteraf, maar vanuit verantwoordelijkheid vooraf.

In Zeeland weten we als geen ander dat je samen moet leven met water en natuur. Boeren, vissers, ondernemers, natuurorganisaties en overheden delen uiteindelijk hetzelfde landschap. Dan heeft het weinig zin om tegenover elkaar te blijven staan. We hebben elkaar nodig.

De natuur kan niet zonder de mensen die dagelijks in dat landschap werken en ondernemen. Maar andersom geldt precies hetzelfde. Daarom geloof ik niet in uitersten. Niet in stilstand, maar ook niet in achteloos doorgaan. Wel in zorgvuldig afwegen, verantwoordelijkheid nemen en keuzes maken die ook op langere termijn standhouden.

Want goede besluiten beginnen niet bij de vraag wat juridisch nog nét kan. Ze beginnen bij de vraag wat verstandig is. Voor mens, natuur en de generaties na ons.


Laatste nieuws

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen op het gebied van Rechten van de Natuur in Nederland en daarbuiten. En ontdek hoe jij kunt meedoen.